De Hongaarse premier Viktor Orbán heeft scherpe kritiek geuit op het beleid van de Europese Unie rond de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. In een gastartikel in de Duitse krant Die Welt schrijft Orbán dat Europese burgers al vier jaar de economische gevolgen van de oorlog en de stijgende energieprijzen dragen, terwijl Europese leiders volgens hem niet in staat zijn om de crisis effectief aan te pakken.

Volgens de Hongaarse premier wordt het Europese beleid te veel bepaald door oorlogsdynamiek en verkeerde politieke keuzes. Hij stelt dat sancties tegen Rusland en beslissingen vanuit Brussel Europa in een diepe economische en geopolitieke crisis hebben gebracht.
Orbán schrijft dat de Europese politiek de afgelopen jaren volledig in het teken heeft gestaan van het conflict in Oekraïne. Volgens hem heeft dat geleid tot een steeds verdergaande militarisering van het Europese beleid. Hij beschrijft deze ontwikkeling met de woorden: “Humanitaire hulp veranderde in helmen, helmen in vuurwapens, en uiteindelijk in tanks en raketten.”
![]()
Volgens Orbán zijn Europese regeringen te veel gefocust op militaire steun en te weinig op diplomatie en economische stabiliteit. De Hongaarse premier stelt dat het Europese beleid rond Oekraïne wordt bepaald door een kleine groep leiders in Brussel en Berlijn. Daarbij wordt volgens hem nauw samengewerkt met de Oekraïense president Volodymyr Zelensky.
Volgens Orbán maakt deze machtsstructuur het vrijwel onmogelijk om de Europese strategie nog bij te sturen. Hij schrijft: “We moeten de soevereiniteit van de Europese Unie heroveren. Want Europa is gegijzeld.”

Orbán verwijst ook naar het conflict rond de Druzhba pipeline, een belangrijke oliepijpleiding richting Centraal-Europa. Volgens Hongarije en Slowakije wordt er sinds januari geen olie meer via deze pijpleiding geleverd. Volgens beide landen sluit dat aan bij politieke doelstellingen van Oekraïne. Onder deze omstandigheden ziet Hongarije volgens Orbán geen reden om nieuwe EU-besluiten of financiële steunpakketten voor Oekraïne te ondersteunen.
De Hongaarse regering heeft in het verleden vaker Europese besluiten vertraagd of geblokkeerd, wat regelmatig tot kritiek vanuit Brussel heeft geleid.
Naast de oorlog in Oekraïne richt Orbán zijn pijlen ook op het Europese migratiebeleid. Volgens hem is de gezamenlijke grensbewaking van de EU onvoldoende effectief. Hij stelt dat Brussel te soepel omgaat met migratie en dat dit risico’s oplevert voor de veiligheid en stabiliteit binnen Europa.
Volgens Orbán brengt massale migratie “alle conflicten van het Midden-Oosten” naar “ons eigen grondgebied”. Hongarije wil daarom vasthouden aan strikte grensbewaking en blijft zich verzetten tegen Europese migratiemechanismen die volgens de regering in Boedapest nationale bevoegdheden beperken.
Orbán sluit zijn bijdrage af met een oproep aan Europa om zijn politieke autonomie terug te winnen. Volgens hem moet het continent zelfstandig beslissingen nemen die gericht zijn op vrede, economische stabiliteit en energiezekerheid.




