Nieuws vandaag

Utrechtse agent wordt niet gestraft na uitkomst intern onderzoek

De politieagent die vorige week in Utrecht betrokken was bij een veelbesproken aanhouding van twee gesluierde moslimvrouwen, wordt niet disciplinair gestraft. Dat blijkt uit de uitkomst van een interne toetsing door de politie. Volgens de toetsingscommissie heeft de agent grotendeels gehandeld binnen de richtlijnen van professioneel politieoptreden, al wordt erkend dat niet elk onderdeel van het gebruikte geweld aan de norm voldeed.

Het incident vond plaats onder het Bollendak bij Hoog Catharijne, een locatie die bij de politie bekendstaat als een plek waar vaker sprake is van verstoring van de openbare orde. Beelden van de aanhouding, waarop te zien is hoe de agent tijdens het incident een achterwaartse trap uitdeelt aan een van de vrouwen, werden massaal gedeeld op sociale media. Dat leidde tot felle discussies over politiegeweld, proportionaliteit en vertrouwen in de politie.

De interne toetsingscommissie concludeerde dat een groot deel van het geweld binnen de geldende geweldsinstructie viel. Tegelijkertijd stelde de commissie vast dat niet alle handelingen volledig voldeden aan de norm van zorgvuldig en proportioneel optreden. Deze bevindingen zijn donderdagavond mondeling gedeeld met de leiding van de politie-eenheid Midden-Nederland. Een schriftelijk rapport met nadere toelichting wordt na het weekend verwacht.

Volgens politiechef Yvonne Hondema heeft het oordeel van de commissie geen disciplinaire consequenties voor de betrokken agent. “Er is begrip voor het handelen van de collega in een complexe en snel escalerende situatie,” aldus Hondema. Tegelijkertijd benadrukt zij dat het incident aanleiding geeft tot reflectie en leerpunten binnen de organisatie. “Politiewerk vraagt om handelen onder druk, maar elke situatie biedt ook lessen.”

De agent verblijft inmiddels al enkele dagen samen met zijn gezin op een geheim adres. Dat gebeurt uit veiligheidsoverwegingen, nadat hij het doelwit werd van ernstige bedreigingen. Volgens de politie zijn zijn privégegevens online verspreid door buitenlandse groeperingen, een praktijk die bekendstaat als doxing. De impact daarvan is groot: de veiligheid van de agent en zijn gezin kwam in het geding, waardoor zij hun woning moesten verlaten.

Hondema schetst de context van het incident. De agent reageerde op een melding van onrust in Hoog Catharijne. Ter plaatse zag hij dat twee vrouwen zich volgens de politie intimiderend gedroegen tegenover een andere vrouw. Toen hij hen daarop aansprak, werd hij uitgescholden en beledigd. Vervolgens besloot hij één van de vrouwen aan te houden. Tijdens deze aanhouding werd geweld gebruikt.

“Een agent kan in zo’n situatie niet wegkijken,” aldus Hondema. “Wanneer de openbare orde wordt verstoord en iemand niet meewerkt, kan het noodzakelijk zijn om in te grijpen. De wet biedt daarvoor ruimte, inclusief het gebruik van geweld, mits dat proportioneel is.”

Het moment dat het meeste aandacht kreeg, was de achterwaartse trap die de agent uitdeelde aan de tweede vrouw, die de aanhouding van dichtbij filmde. Volgens Hondema leidde dit specifieke moment tot verdere escalatie, iets wat juist niet de bedoeling is bij politieoptreden. Hoewel de commissie vaststelde dat dit onderdeel niet volledig binnen het toetsingskader viel, is dat onvoldoende om disciplinaire maatregelen te rechtvaardigen.

Korpschef Janny Knol sprak zich eerder al krachtig uit tegen de bedreigingen aan het adres van de agent. Zij noemde deze “volstrekt onacceptabel” en benadrukte dat kritiek op politieoptreden nooit mag ontaarden in intimidatie of gevaar voor agenten en hun families. De politie heeft aangekondigd onderzoek te doen naar het doxing en sluit aanhoudingen niet uit.

Het incident raakt aan een breder maatschappelijk debat over vertrouwen in de politie. Hondema erkent dat dit vertrouwen kwetsbaar is en dat gebeurtenissen als deze emoties oproepen. “Juist daarom is transparantie belangrijk. We moeten laten zien dat politieoptreden wordt getoetst en dat we bereid zijn kritisch naar onszelf te kijken,” zegt zij.

Tegelijkertijd wijst zij op de realiteit van politiewerk. Agenten moeten in korte tijd beslissingen nemen in situaties die onvoorspelbaar en gespannen zijn. Beelden op sociale media tonen vaak slechts een fragment van wat er gebeurt, zonder de context van wat eraan voorafging. Dat maakt het publieke oordeel soms scherp en eenzijdig.

De twee betrokken vrouwen hebben inmiddels aangifte gedaan tegen de agent. Zij beschuldigen hem van mishandeling, poging tot zware mishandeling en het overtreden van de geweldsinstructie. Het Openbaar Ministerie (OM) beoordeelt momenteel of er een strafrechtelijk vervolgonderzoek wordt ingesteld. Tot die tijd zijn de vrouwen op vrije voeten gesteld.

Tegelijkertijd worden de vrouwen zelf verdacht van belediging en wederspannigheid. Dat betekent dat zij volgens de politie zich met geweld of verzet zouden hebben gekeerd tegen een politieambtenaar tijdens de uitoefening van zijn functie. Ook deze verdenkingen maken onderdeel uit van het lopende dossier.

Hun advocaat, Anis Boumanjal, laat weten dat hij en zijn cliënten niet zijn betrokken bij het interne politieonderzoek. “Wij hebben geen inzage gehad en geen inbreng kunnen leveren. De conclusies van dat onderzoek zeggen ons daarom weinig,” aldus Boumanjal. Hij benadrukt dat zijn cliënten wel aangifte hebben gedaan en daarbij verklaringen van getuigen, medische documenten en videobeelden hebben overgelegd.

Volgens Boumanjal is het nu aan het Openbaar Ministerie om de zaak onafhankelijk en onbevangen te beoordelen. “Het OM moet bepalen of het politieoptreden strafrechtelijk toelaatbaar was. Wij vertrouwen erop dat dat zorgvuldig gebeurt,” zegt hij.

Het incident onder het Bollendak laat zien hoe snel een lokale aanhouding kan uitgroeien tot een nationaal debat. Thema’s als politiegeweld, discriminatie, sociale media en veiligheid van agenten komen daarbij samen. De uitkomst van het eventuele strafrechtelijk onderzoek zal waarschijnlijk opnieuw veel aandacht trekken.

Voorlopig benadrukt de politie dat kritiek mogelijk en toegestaan is, maar dat grenzen niet mogen worden overschreden. Reflectie, verantwoording en bescherming van agenten moeten volgens de leiding hand in hand gaan. Alleen zo kan het vertrouwen tussen politie en samenleving worden versterkt, ook wanneer incidenten tot verdeeldheid leiden.

LEAVE A RESPONSE

Your email address will not be published. Required fields are marked *